test:
Hieronder vindt je een overzicht van mijn reisverslagen. De laatst toegevoegde vind je boven aan. Je kunt reageren door op 'Voeg een reactie toe' te klikken en daar het formulier in te vullen.
|
|
< 1 | 2 | 3 > |
 |
|  | mijlen en nog meer mijlen 19-11-2008 om 17:37 door Mattijs Vinkesteijn
Hallo daar,
even kort hoor want er moeten weer kilometers gemaakt worden.
Zondag 19 oktober zijn Jorrit en ik op de fiets gestapt voor de grote tocht door Amerika. Het zou krap worden want de dag voor kerst vliegen we namelijk alweer naar Nederland. Direct dus de eerste dagen veel op de fietsen en mijlen maken.
California was een hoop drukte en veel door de bebouwing. Gelukkig kwam daar in Arizona verandering in en we zijn dus echt door de woestijn heen gegaan. Lekker warm veel zon en een mooi vlakke weg. Direct buiten de drukte werden we al geconfronteerd met de mooie gekte en af en toe wat vervreemde Amerikanen toen we in het Baghdad-Cafe genaamd naar de film aan het bier gingen. Geweldige lui die Amerikanen vrolijk en vol enthousiasme en altijd klaar om een praatje te maken. Na de tent te hebben opgezet naast het cafe en de volgende ochtend te hebben ontbeten zijn we doorgefietst richting Grand Canyon en dwars door Indian Country. Beide onbeschrijfbaar.
Nu zijn we na een maand fietsen al bijna in Indianapolis. Het gaspedaal hebben we dus flink naar beneden gehad. We fietsen gemiddeld zo'n 75 mijl per dag met een uitschieter naar de 110. Daarnaast nemen we geen rustdagen en fietsen we doordat het korte dagen zijn van zonsopgang tot ondergang. Klinkt wat veel, maar we hebben het prima naar ons zin en hebben zo ook wat tijd om wat bij te komen bij Aiko(vriend van fam. Dijkstra) en de goede voorbereidingen te treffen om het laatste deel naar New York te volbrengen.
Dit was even de korte update. Wij gaan weer fietsen en straks weer opzoek naar een plek voor ons tentje, wat altijd weer een mooi plekje oplevert. Een ding is zeker die Amerikanen staan altijd voor je klaar en helpen ons altijd aan een goede stek.
Groeten van ons
|  | | Er zijn op dit moment 2 reacties geplaatst op dit bericht. | | Toon de reacties op dit bericht | Reageer op dit bericht | |  |
|  | YMCA, hamburgers en meer 13-10-2008 om 02:53 door Mattijs Vinkesteijn
Hee daar,
Nou momenteel zit ik dus alweer aan de andere kant van de Grote Oceaan, de Pacific en de Stille Oceaan, ofwel de United States of America. Het was een hele tocht, maar het tweede deel van mijn reis staat voor de deur.
Acht maanden onderweg, fietsen, fietsen, fietsen en nog eens fietsen. Mijn grootste hobby, mijn ding. Jaren droomde ik over de wereld te ontdekken per fiets. Het plan ontstond na mijn reisje naar Spanje en nu ben ik dus alweer bijna terug. Terug van mijn droomreis.
06 januari fietste ik weg. Zoals ik altijd doe over de mooie Derde Poellaan. Als die bestraat zou zijn zou ik elke steen kennen. Een van de gekste momenten uit mijn leven deze keer fietste ik weg om lang weg te blijven, niet even naar het dorp, Amsterdam of naar Mark, zelfs niet naar Groningen of naar al die plaatsen in Nederland waar ik ooit heen ben gefietst. Nee deze keer was het even een ander verhaal. De reis ging naar huis
met "het onbekende" er tussen in.
De tweede dag was ik al uit Nederland, het land waar ik het kortste heb gefietst. België,Luxemburg, Frankrijk, Italië en Griekenland ofwel de landen in Europa. Van de Belgische patatten to de overheerlijke Italiaanse kazen. Europa is gemaakt voor de fietst nergens zijn zulke mooie routes en kleine weggetjes. Inderdaad kleine weggetjes in al mijn verhalen komen ze terug, de eeuwige zoektocht naar kleine weggetjes. In Europa barst het ervan.
Na koude avonturen in Griekenland even bijkomen in Istanbul en de reis door Azie is nu echt begonnen. Het komende half jaar zou ik dus dus in Azië fietsen, het continent waar de meeste kilometers gefietst zouden worden. Istanbul als poort naar Azië en natuurlijk een paar dagen met mijn ouders maakte het een mooie start. Azië is een enorm divers continent met name doordat hier drie grote religies bij elkaar komen. De Islam start natuurlijk al in Turkije, maar je wordt er pas echt mee geconfronteerd als je de enige Islamitische Republiek van de wereld in fietst, Iran. In Iran heb ik de ultieme gastvrijheid meegemaakt en ben ik een held geworden in wild-kamperen. Ofwel de ene keer slapen op het tapijt bij iemand thuis en de andere keer in mijn tentje achter een berg. In Quesm (eiland van Iran) heb ik zelf prima onder de sterren kunnen slapen. Na even in Arabië geweest te zijn stond India op de route. Oh oh oh India India. Voor vele een land van smerigheid, chaos en irritatie. Voor mij het land waar geleefd wordt. India, maar vooral de Indiërs hebben mijn hart gestolen. Daarnaast heb ik samen met mijn zus en Peter een toptijd gehad. Via de oogverblindende Himalaya in Nepal richting het Zuid-Oosten van Azië. Thailand, Laos, Vietnam, Cambodja en Maleisië. Veel gefietst, veel heel veel lekkere dingen gegeten en genoten van schitterende cultuur of veel geleerd van de treurige geschiedenis. Daarnaast natuurlijk ook weer een schitterende tijd gehad met de plaatselijke bevolking. Maleisië was dus het laatste land van mijn reis door Azië. Een schitterende afsluiter. Zoals eerder gezegd heb ik lekker veel kunnen wild kamperen. Nog steeds een van de mooiste dingen van fietsen. Je rijdt gewoon een zijstraatje in of vaker een modderpad en je gooit gewoon ergens je tent neer.
Kuala Lumpur was mijn laatste bestemming in Azië, meer dan 10000 km heb ik door Azië gefietst en nu dus opeens naar een hele andere wereld. In KL heb ik alle voorbereidingen genomen voor mijn lange vliegreis naar LA. 24 uur wel te verstaan. De hele stad door gelopen op zoek naar een fietsenwinkel waar ik een doos kon krijgen om mijn fiets in te vervoeren. Na 24 uur kwam ik dus aan op LAX. 10 uur 's ochtends twee nachten niet geslapen en dan lastig gevallen worden bij de immigratiedienst. De betreffende officier vond mijn visum van Iran wel heel erg interessant. Na wat uitleg gegeven te hebben stond mij niks meer in de weg om eindelijk de States binnen te gaan. Bij het vliegveld werd ik opgewacht door Stacy en Peter Jan. Dit zijn goede vrienden van mijn ouders. Stacy is geboren Amerikaanse en elk jaar gaan ze een paar weken naar hun huis in Corona del Mar. Ik had stacy gevraagd of ze wat werk voor me wist omdat helaas mijn geld dus op is. Voordat ik het wist had ik dus een baantje als klusjesman en daarnaast kon ik ook nog in hun huis verblijven. Helemaal geweldig dus. In Amerika aangekomen dus ben ik de eerste paar dagen opgetrokken met Stacy , Peter Jan en de kinderen Jan Morgan en Anna Stacia. Peter Jan heeft me wegwijs gemaakt in de omgeving en de gewoonte van tippen mee gegeven. Je tipt hier jan en alleman van kapper tot serveerster.
Amerika is wel even wennen hoor. Na maanden door Azië te hebben gefietst en dus door relatief arme landen is Amerika wel even anders. Overal auto's op de weg, geen trucks of trekkers vol geladen met mensen, nee zelfs geen ossen of kamelen op de weg. Geen fietsen vol geladen met Jack fruit, kippen, konijnen zelfs geen aap op de bagage-drager. Niks van dat alles hier fietsen mensen alleen voor hun plezier. Daarnaast leven de mensen hier natuurlijk volgens Westerse standaarden, geen armoede dus....... Armoede wat is armoede, staat het gelijk aan geen geld of is het een complexer begrip. Armoede heb ik gezien, in India en Nepal heb ik gezinnetjes gezien zonder niets helemaal niets. In Iran heb ik gegeten bij mensen in een huis zonder ook maar een meubelstuk of iets van decoratie en tijdens het eten moesten de geiten telkens weer naar buiten gejaagd worden. Maar oh oh wat hadden de mensen het naar hun zin en helemaal dat ze in de gelegenheid waren gebracht om een gekke fietser uit te nodigen voor eten in hun huis. Geen woord Engels, maar alle handgebaren werden erbij gehaald om met mij te communiceren en natuurlijk werd de familie gebeld. Altijd die familie. Religie en familie de twee belangrijkste dingen in het leven van een Iraniër of ik durf wel te stellen in het leven van een Aziaat. Deze mensen stappen niet op zondag in hun Jaguar uit 1960 om langs de kustlijn te rijden of oliën hun borst in om te paraderen over de boulevard. Hier is het zien en gezien worden. Wie leeft er nu eigenlijk in armoede? Ja, natuurlijk weet ik wel dat deze vergelijking wat kortzichtig is, maar de individualisering, je willen onderscheiden, meer status willen hebben, jij als middelpunt van de aandacht is hier in Amerika wel heel erg aan de orde. Dit wil natuurlijk niet zeggen dat ik het hier niet naar mijn zin heb.
De afgelopen zes weken heb ik bij een appartementen-complex gewerkt als een soort klusjesman. Dit komt vooral neer op veel schilderen. Elke dag dus lekker buiten en werken aan het hekwerk. Cleaning, sand-papering, priming, painting. Het begint lekker op te schieten en het terrein ziet er een stuk beter uit. Het is prima vertoeven op mijn werk samen met Chaz doe ik al het schilderwerk onder de bezielende leiding van de manager Jan en haar assistent Mimi en daarnaast is er nog hoofd-maintainance Gabe. Volgende week staat Jorrit al voor de deur. Dit is een goede vriend uit Groningen deze beste kerel heb ik twee jaar op sleeptouw genomen in de boot :-) en nu dus op de fiets. Ergens rond 19 oktober vertrekken we voor onze monstertocht naar New York. Doordat we voor de kerst in NY moeten zijn hebben we besloten om de kortste route te nemen. Een rechte lijn dus, dit betekent wel dat we door de woestijn naar Vegas fietsen en dan dwars over de Rocky's. Na de Rocky's worden het de vlaktes van Kansas en dan zo via Indianapolis naar de Big Apple. Met name de Rocky's worden een aardige beproeving. We zullen over een pas van 3500 meter moeten en omdat we dan al aardig richting winter gaan is de kans op sneeuw aanzienlijk. Daarnaast is het natuurlijk koud en niet NL-koud, maar Rocky's-koud ofwel -20 en kouder in de nacht. Daarnaast sjokken er daar beren rond. Als het dus een beetje meezit elke avond beer op de barbecue. Een best avontuur dus, helemaal mijn ding.
Het volgende verhaal zal dus ergens uit de bergen komen. Ik ben erg benieuwd hoe dit laatste deel van mijn reis gaat verlopen. Hoe houdt de natuur zich t.o.v. ons? Hoe vaak rij ik Jorrit in de kant en moet ik vluchten voor een dreun? Wat is Amerikaanse gastvrijheid? En hoe voelt het om echt naar het eindpunt te fietsen?
Ik heb er zin in.
Jullie horen van mij.
Mattijs
|  | | Er zijn op dit moment 4 reacties geplaatst op dit bericht. | | Toon de reacties op dit bericht | Reageer op dit bericht | |  |
|  | Bangkok-Kuala Lumpur 21-08-2008 om 11:00 door Mattijs Vinkesteijn
Hallo daar,
Bomen en nog meer bomen, hogere bomen groenere bomen, gekke bomen, ofwel Maleisie.
Na een paar dagen fietsen in het Zuiden van Thailand ben ik de grens met Maleisie overgegaan. Het laatste stuk heb ik met de trein moeten doen, dit doordat er een conflict is in het grensgebied. Overal militairen op de stations en in de trein en zelfs een helicopter in de lucht.
Na de makkelijke grensovergang ben ik richting Kota Bharu gefietst. Het is wel weer even wennen na zo'n lange tijd weer in een Islamitisch land. Veel vlees, heel veel vriendelijke mensen en de natuurlijk veel hoofddoekjes. Daarnaast valt op dat er veel bomen zijn, links en rechts je fietst als ware door een jungle. De volgende dag ben ik naar een van de mooiste eilanden van Maleisie gegaan. Perhentian Kecil. Mijn fietst kon volgens de reisbureautjes niet mee, de bootjes waren te klein. Ja hoor, naar mijn idee is in Azie alles mogelijk dus maar direct naar de schippers gegaan en al snel had ik het geregeld. Eigenlijk was het totaal zinloos om mijn fiets mee te nemen, maar ja " mijn ros" achterlaten dat nooit. Het zal wel een mooi gezicht zijn voor de strandgangers op het eiland. Een grote kerel met een te grote en te zware fiets op het strand. Geen asfalt te ontdekken alleen maar mul zand. Ik moest zelf eerst mijn tassen eraf halen om een klein beetje vooruit te komen.
Perhentian Kecil is echt zo'n typisch Hollywood eiland. Witte stranden, veel palmbomen, Baywatch vrouwen en wat bungalowtjes. De tweede dag ben ik snel gaan snorkelen, op het strand liggen is toch nog steeds niet mijn ding. De onderwaterwereld rond de eilanden is echt fenomenaal. Allerlei kleuren en vormen koraal en natuurlijk veel vissen met alle kleuren van de regenboog. Verder heb ik nog een tijdje naast een flinke schildpad gezwommen. Dat beest een beetje rondkijken en vond het wel prima, maar na een tijdje was die het zat en sloeg een keer harder met zijn vliezen en weg was die. De volgende dag ben ik nog met twee Denen de hele dag rond het eiland gaan snorkelen en heb zelfs nog enkele haaien gezien. Wel apart van die grote vissen zo dicht bij. Na drie dagen was ik er wel weer klaar mee en ben weer verder gegaan. De keuze was om de makkelijke en vlakke route langs de kust te volgen of de onbekende zeer bergachtige weg door de jungle. Toch maar weer de bergen gekozen. Via een bergachtie route zou ik dwars door centraal-Maleisie fietsen om zo uit te komen bij de Cameron Highlands. Heerlijk weer zo door de bergen fietsen. Op een of andere manier zie ik er wel is tegenop. Je weet dat het zwaar gaat worden, pijn in je poten, moe lijf en weinig kilometers per dag, maar wat je ervoor terug krijgt is het allemaal dubbel-en-dwars waard. Het was wel een grote weg zo dwars door de bergen, maar bijna geen auto te ontdekken. De weg loopt door een dichte jungle, overal dus mooie bossen om je heen. Althans als het het bos niet is weg gehakt. Dat is iets wat me meteen opviel in Maleisie. Er wordt ontzettend veel gehakt en gezaagd. Je ziet dan grote kale vlaktes met de overblijfselen van het eens zo mooie bos. Het geeft je een beetje het Idefix-gevoel(voor degene die geen idee heeft waar ik het over heb, lees de avonturen van Asterix, oh ja wel de avonturen na De Ronde Van Gallie, in deze strip komt Idefix er pas bij. De Romeinse Lusthof is waarschijnlijk de beste strip om te ontdekken wat ik bedoel). Al geven deze vlaktes wel een mooie mogelijkheid op mijn tent op te zetten. Geweldig als je dus aan de rand van zo'n stuk staat, dan heb je echt een geweldig uitzicht op de jungle. Het meeste wat ik dus deed is in mijn liggen met de opening helemaal open geritst en maar een beetje turen over de bomen en luisteren naar de vele geluiden. Van vogels tot kikkers, van sprinkhanen tot apen.
Cameron Highlands is een hoogvlakte die ligt tussen de 1300 en de 2000 meter. Het is als ware de groententuin van Maleisie. Van alles wordt hier verbouwd van aardbeien tot rozen, maar het is voor het thuis van de grote theeplantages. Schitterende groene velden golven door het bergachtige landschap. Hier heb ik voor een paar dagen mijn fiets geparkeerd en heb mijn rugtas gepakt en ben een paar dagen gaan wandelen. Overal zijn er trails door de jungle die goed te lopen zijn. Beide dagen iets van 25km gewandeld, over bergen, door jungle en natuurlijk door vele theeplantages. Ik heb hier een goede tijd gehad. Er waren nog twee Nederlandse meiden waar ik een paar dagen mee heb opgetrokken. Wel grappig zij waren een dag op een tour en kwamen twee andere Nederlanders tegen. Zij kwamen ook uit Lisse en ze hadden mij in de krant zien staan. Na een dag niks doen ben ik weer verder gegaan.
Zo de eerste dag weer fietsen was lekker lang afdalen. Vijftig kilometer al slingerend naar beneden en wee de hitte in. Het was maar iets van 250 km naar Kuala Lumpur, maar ik had nog iets te veel dagen dus ik ben maar een beetje in de buurt rond gaan fietsen. Gelukkig heb ik een paar kleine wegen gevonden vlak bij de kust. Heerlijk geen mens op de weg en alleen maar bomen om me heen. Zo regelmatig springen er wat apen langs me en schrik ik van varanen die de weg overrennen. Dit is wat ik zo leuk vind van Maleisie de kleine rustige wegen zijn makkelijk te vinden en dan rij je echt in door wildernis. Daarnaast is er genoeg ruimte om je tent op te zetten. Zo had ik laatst mijn tent opgezet op een klein grasveldje vlak bij de zee. Een paar meiden van een jaar of vijfitien hadden me ontdekt en zo de Islamitische cultuur voorschrijft werd er mij vriendelijk gevraagd of alles goed ging en of ik wat nodig had. Na wat kletsen en nadat ze wisten dat alles ok was gingen ze er weer vandoor om even later terug te komen met een grote punt zelfgebakken chocolade-taart. Er was een jarige en ik moest de taart keuren. Nou je kan geen betere hebben.
Rustig ben ik dus naar Kuala Lumpur afgezakt. Nu zit ik een paar dagen in een guesthouse. Een beetje Olympische Spelen kijken en alles regelen voor mijn vertrek naar de VS. De 25ste vertrek ik naar LA. Heel Azie zit er dus op. In Istanbul ging ik dit verbazingwekkende continent binnen om het iets van 10000 kilometer later in Kuala Lumpur weer te verlaten. VS staat dus voor de deur. 6000 km naar NY. Dit ga ik samen met mijn goede vriend Jorrit doen. Hij vliegt ergens in oktober naar de LA en we fietsen dan met zijn tweeen via het Zuiden naar New York. Het zal een mooi reis worden met een hoop gekke dingen en waarschijnlijk zal het eindigen in een sprintje door NY met de finish voor de grote kerstboom op Time Square.
Groeten,
Mattijs
|  | | Er is op dit moment 1 reactie geplaatst op dit bericht. | | Toon de reacties op dit bericht | Reageer op dit bericht | |  |
|  | Thailand, Laos, Vietnam en Cambodja 23-07-2008 om 08:03 door Mattijs Vinkesteijn
Hallo daar, nou het is alweer een hele tijd geleden dat ik wat van me heb laten horen. Ik neem mijzelf voor dat mijn volgende bericht niet zo lang op zich laat wachten.
In die tijd is een hoop gebeurd, maar laat ik bij het begin beginnen. Zoals jullie weten was mijn plan om naar Peking te fietsen. Ja inderdaad, WAS mijn plan. China heeft de deuren stevig op slot. Waarschijnlijk was ik er wel ingekomen ik heb namelijk een insider. Martijn(de zoon van de beste vrienden van mijn ouders) woont en werkt in China. Hij had voor mij een brief geschreven gericht aan de Chineze Ambassade. Hiermee en met een return-ticket had ik waarschijnlijk een visum gekregen. Helaas zou dit alleen maar voor 20 dagen of eventueel 30 dagen zijn. Dit betekent dat ik geen tijd zou hebben om te fietsen en alleen maar zou moeten treinen om Peking te halen. Na lang denken heb ik dus besloten om mijn reis om te gooien en met een omweg naar Kuala Lumpur te gaan. Landen ontdekken zeker, maar wel op de fiets. Vanaf Kuala Lumpur zal ik vliegen naar Los Angeles. Ik heb dus van een nood een deugd gemaakt en fiets via Vientiane in Laos naar Vietnam en zo door naar Cambodia om vervolgens via Thailand naar Maleisie af te zakken.
Zo nou jullie een beetje op de hoogte zijn van mijn plannen zal ik is beginnen met de avonturen die ik de afgelopen twee maanden heb meegemaakt.
Na twee dagen Bangkok ben ik van mijn nederige hostel verhuist naar een iets minder nederig hotel waar de KLM verbleef.Mijn tante had geregeld dat ze op het moment dat ik in Bangkok zou zijn daar ook zo zijn en dat ik in het hotel van de KLM kon verblijven.
Nou ze doen hun naam zeker eer aan het was een Koninklijk verblijf. Een geweldig hotel dus, kamers zo groot als een-gezins-woningen, zwembad van 20 meter en het allermooiste een superlekker ontbijt. Een paar dagen dus met mijn tante opgetrokken. Ik heb zelfs een voetmassage gehad (op aandringen van) haha, wie mij goed kent weet dat ik daar niet zo van ben, een beetje een uur stil zitten. Het was wel in een geweldige omgeving, namelijke op de heilige grond van Bangkok, het gebied waar de grote tempels staan. na een dag of vijf ging de KLM en mijn tante dus weer terug naar Nederland. Mijn fietstocht in Thailand ging dus beginnen.
Fietsen door Thailand is een feest en eigenlijk niet een enorme uitdaging, maar dat maakt het zeker niet minder leuk of interessant. Fietsen over mooi geasfalteerde wegen, het enige wat er ontbreekt is een Engese bewegwijziging. Bangkok uitfietsen is wel een hele klus, er komt geen eind aan die stad. Overal linksrijdende Thaien op scooters en Tuk-Tuks. Na Bangkok heb ik Ayuthaya aangedaan. Ooit de oude hoofdstad van Thailand. Schitterende oude stupa's en wie zegt mijdt het regenseizoen. Dit soort foto's krijg je niet buiten het regenseizoen, schitterende luchten samen met de historische bouwwerken geven deze schitterende plaatjes. Na deze stad ben ik snel omhoog gegaan naar Laos. Mooie plaatsjes onderweg, maar vooral schitterende vrolijke mensen in Thailand. Overal, maar dan ook overal wordt gelachen gekookt en gegeten. Een vrachtwagen begint lanzamer te rijden, op het moment dat hij passeert steekt de chauffeur in kwestie met vol overgaven zijn duim omhoog. Dit is Thailand of beter gezegd dit zijn de Thaien.
Na een klein ritje over de Thailand-Lao-Friendship Bridge over de Mekong sta ik in het land waar de meeste bommen zijn gevallen, het land wat officieel Lao People Democratic Republic heet, het land van de communist Kaysone, maar vooral het land van de Lao zelf. Vientiane, een hoofdstad van zo'n 250.000 inwoners. Als je even de toeristen wegdenkt en loopt door de kleine straatjes langs de tempels dan waan je je vijftig jaar terug. Vientiane is een stad om bij te komen, om even die pannenkoekjes te eten en die beroemde ice-coffee te drinken. Vientiane is de laatste jaren wel erg toerisctisch geworden en het barst er van de expats, maar als je tegen de avonduren het geeikte pad verlaat, dan zie je de echte Vientianen. Vriendelijk als altijd word je begroet met Sabaai-dii. Jongens spelen op straat met een soort gevlochten voetbal. Met behendige sprongen proberen ze de bal net al volleybal over het net te krijgen om zo te scoren. Daarnaast wordt er natuulijk net als in buurland Thailand gekookt. Noodlesoep, springrolls en pannenkoekjes. Vooral voor het laatste heb ik een zwak. Op elk moment van de dag ben ik opzoek naar deze koekenbakkers. Op een grote plaat met veel olie en een klontje boter en nog een klontje boter wordt het deeg gelegd. Dit wordt vaak gevuld met banaan en na een keer of wat omkeren en heel wat klontjes boter later is het pannenkoekje klaar. Het wordt geserveerd op een vetvrij-papiertje. Alleen zelf een vetvrij-papiertje kan deze vette massa niet aan. Des al niet te min is het voor mij een heerlijkheid. In Vientiane heb ik twee dagen opgetrokken met Peter en John. Twee Engelse kerels rond de veertig die lekker van het leven aan het genieten zijn. Peter heeft zich gevestigd in Vientiane samen met Kate, een Thaise dame en John werkt voor een electronica-bedrijf en stelt zijn vertrek uit Vientiane elke keer weer uit. Zoals echte Engelse betaamt hebben we aardig wat biertjes gedronken. Ze hebben me alle kroegen van de stad laten zien. Wat ook nog wel leuk is om te noemen op het moment dat ik in Laos was las ik het boek "Another Quiet American"van Brett Dakin. In zijn boek beschrijft hij heel duidelijk en gedetailleerd het huis waarin hij woonde in Vientiane, nou wil het zo zijn dat nu Peter daar woont. Natuurlijk ben ik even gaan kijken en het is heel grappig als je net een paar dagen geleden over het betreffende huis heb gelezen.
Na twee dagen Vientiane ben ik weer op de fiets gestapt. 500 km Mekong en dan afslaan naar het Oosten zou mij brengen in Vietnam. Dagen achter elkaar dus op " Route 13". Het is niet al te bijzonder en vaak zie ik uit naar een zijweggetje die ik kan pakken. Helaas heb ik niet een al te gedetailleerde kaart. Hoofdzakelijk hou ik mij dus bij de hoofdweg. Dit is als ware de " Route Nationale" van Laos. Ik geloof dat die ergens bij Luang Prabang in het Noorden begint en helemaal loopt tot aan de grens met Cabodia. De route slingert wel door een schitterend landschap. Mooie bebosde bergen en vooral veel rijstvelden. Overal zie je mensen op het land aan het werk. Jong en oud. Momenteel is het het seizoen van het rijst zaaien of beter gezegd zetten. Met de hand wordt een voor een, een rijststek in het onder water gelopen veld gestoken. Mensen dus tot hun knieen in de blubber helemaal krom gebogen met een flinke bos groene sprieten in hun armen. Alleen een fietser van bijna 2-meter op een zwart ros met roden tassen kan ze van hun werk halen, Sabaai-diiiiiiiiiiiiiii.
Na een dag of zeven elke dag 100 of meer te hebben gefietst ben ik in Vietnam aangekomen. Vietnam is schitterend. Veel bergen en dat is ook wel weer is lekker. Klimmen samen met de oude doorgezakte trucks die volgeladen zijn met stenen. Elke keer keer haalde ik ze op de berg weer in en op het vlakke scheurde ze me weer voorbij even een toeter een hand omhoog en tot de volgende berg. Hier is het net als in Thailand en Laos weer veel kinderen langs de weg. Overal rennen ze vandaan, falang!!!!, helloooooooo. Zwaaien en weer verder gaan en af en toe natuurlijk even high fiven met de kids. Vietnam is gigantisch, twee grote steden bepalen de route van de meeste toeristen. Hanoi in het Noorden en Ho Chi Min City in het Zuiden. Tussen deze twee steden loopt National Highway 1. Dit is de drukste weg van Vietnam en alle toeristen vliegen met bussen over deze weg. Aangekomen op deze weg zag ik het niet helemaal zitten om 1500km over deze racebaan te gaan fietsen. Ik ben dus snel naar Hue gefietst, vandaar in 1 dag(140km) naar Hoi An. Hoi An is de historische stad van Vietnam. Tijdens de oolog zijn er afspraken gemaakt tussen de Amerikanen en de Vietnamezen dat Hoi An gespaard zou blijven. In de binnenstad worden geen auto's toegelaten. Het is er dus erg gemoedelijk. Al zijn vele huisjes erg mooi gebouwd en ademen ze zeker sfeer uit, Hoi An kan mij niet echt verbazen. Het is stadje zoals wij er tientallen hebben in Nederland. Vauit Hoi An ben ik de bergen ingegaan opweg naar Ho Chi Min City. De eerste dagen waren echt schitterend, mooie bergen en veel rijstvelden en koffieplantages. Daarnaast is het ook ananas-tijd, overal zie je brommers afgeladen met ananas richting stad rijden. Onderweg dus veel ananas gegeten. Je houdt zo'n kerel aan en voor je neus wordt de ananas schoongemaakt. Ananas groeit hier gewoon wild tegen de helling.Ze zijn kleiner, maar wel veel zoeter. 08 juli ben ik aangekomen in Buon Thuot, na een paar saaie fietsdagen heb ik besloten hier een dag te blijven en verschillende watervallen te bezoeken. In totaal heb ik vijf watervallen gezien, echt schitterend. Toeristen zijn er niet alleen wat Vietnameze jeugd die aan het picknicken zijn. Af en toe heb je het idee door alleen over de hoofdweg te fietsen je alle mooie dingen voorbij fietst. Het is dus goed dat ik is een dag opzoek ben gegaan naar het natuurschoon van Vietnam en daarnaast heb ik toch nog 80km gefietst.
Na bijna twee weken ben ik in Saigon aangekomen ofwel Ho Chi Minh City. Na de val van Saigon in 1975 is de stad dus omgedoopt naar zijn vroegere communistische leider. Ho Chi Minh heeft dit heuglijke feit nooit mee mogen maken, hij overleed in 1969. Saigon leeft het is heerlijk om door deze stad te lopen. Rome verbleekt bij het aantal scooters op de weg. Vrouwen met alle kleuren mondkapjes scheuren aan mij voorbij. In Saigon ben ik helaas niet lang gebleven dit doordat ik erachter kwam dat ik een visum voor de USA nodig heb. Hierover later meer. Een dag Saigon, dit betekent een bezoek aan het "War Remnants Museum". Dit is een museum waar de verschillende oorlogsdaden te zien zijn van voornamelijk de Franzen en Amerikanen. De foto's van kinderen die getroffen zijn door Agent Orange en napalm zijn geven je een heel erg misselijk gevoel. Daarnaast staan er vele tanks en gevechtsvliegtuigen in het museum, verder staat er ook een guillotine, in 1960 is deze voor het laatst gebruikt.
Saigon is ook het begin van de Mekong Delta. In Laos heb ik de Mekong verlaten en hier in Vietnam pak ik de machtige rivier dus weer op. De delta is een wir-war van uitlopers van de Mekong. Brugetje na brugetje dus. Het is een hele verademing om weer is lekker over kleine weggetjes te fietsen. Overal staan palm-en bananenbomen en wordt er natuurlijk veel, heel veel rijst verbouwd. De sfeer is hier ook anders, niet al te veel auto's, de mensen zijn heel relaxed en er wordt veel gelachen als ik weer is duidelijk wil maken dat ik een halve kilo van dat vreemde fruit wil ipv een hele. De delta is dus een mooie einde aan bijna drie weken Vietnam. Vietnam is niet het land wat ik er van verwacht had, ik ben blij dat ik er geweest ben, maar ben ook blij dat Cambodia in de buurt is.
Met een boot ben ik vanuit Vietnam naar Camodia gegaan. Misschien niet de meest mooie route, maar het is wel heel bijzonder om over de Mekong rivier een ander land in te gaan. In de middag ben ik aangekomen in Phnom Penh, aangezien ik weinig tijd heb blijf ik hier maar een dag. Een middag dus om de stad te bekijken. Achterop de brommer gestapt en richting het Tuol Sleng museum gegaan. Voor diegene die niet helemaal thuis zijn met de geschiednis van Cambodia en dan bedoel ik de periode van Pol Pot zal ik deze even in het kort beschrijven. In 1953 is Cambodia onafhankelijk verklaard van Frankrijk. De jaren daarop is het land in een sneltreinvaart vervallen. In 1969 is de USA begonnen aan een geheim bombardement op Cambodia. Er waren bewijzen dat de Vietcong zich op grote schaal in Cambodia bevond. Deze gebieden werden dus gebombardeerd door de VS onder de missie " Operation Breakfast". Echter de Vietcong vluchte niet terug naar Vietnam, maar trok verder Cambodia in met als gevolg dat de bombardementen na enige tijd over bijna heel cambodia werden uitgevoerd. Clusterbommen, nampalm alles werd over dat land heen gegooid. Hele dorpen en steden zijn in die tijd verdwenen. In 1969 stopte uiteindelijk de bombardementen. 1 miljoen mensen vermoord en 2/3 van de fauna was verdwenen. Vietnamezen werden het doelwit van de bevolking, vele rellen braken uit, Lon Nol rook zijn kans. Tijdens een trip naar het buitenland van prins Sihanouk heeft zijn minister president een staatsgreep gepleegd. Onder Lon Nol ontstond de Republiek van Cambodia. De regering was erg pro-Amerikaans en de oorlog werd verklaard aan Vietnam(Vietcong) en de Rode Khmer. De armoede in Cambodia werd steeds erger. De mensen verkochten hun rijst niet meer aan de regering, maar aan de Vietnamezen voor soms wel vijf keer de prijs. De regering probeerde dit te voorkomen en er zijn dus ook onder het regime van Lon Nol vele mensen vermoord. Daarnaast koos de afgezette prins de kant van oude vijand, Pol Pot. De onrust in het land was koren op de molen voor Khmer Rouge. Door steun van de Vietcong en dus de oude prins groeide de macht van de Rode Khmer. Op 17 april 1975 pakt Pol Pot de macht. Dit doen ze door Phnom Penh te evacueren. De stad werd een spookstad. De meest bloedige revolutie in de geschiedenis ooit is begonnen. Pol Pot zijn visie was om Cambodia tot wereldmacht te maken net als in de tijd van Angkor. Dit kon alleen met harde hand. Het volk werd opgesplitst in Base People en New People. De Base People waren mensen die altijd al op het plattenland hadden gewerkt en werden gezien als pro Rode Khmer. De New People waren de mensen uit de steden en dit waren de verraders. Liefde was verboden, geld had geen waarde meer, alle bezittingen werden afgenomen, alle electronica werd vernietigd. Iedereen werd werkzaam gesteld op het land. Gezinnen werden gescheiden en kinderen werden geleerd om hun ouders te bespioneren. Het doel was om een klasseloze maatschappij te creeren. Het collectief aan de macht. Iedereen werd dus aan het werk gezet, zo werden er veel irrigaitekanalen en dammen gebouwd. De organisatie of Angkar (naam voor de Rode Khmer) bepaalde wat voor werk je deed. Dit resulteerde dus dat opgeleide mensen zoals artsen met schoffels in hun handen stonden en dat bijvoorbeeld kinderen van 15 operaties uitvoerden. De meeste die in een ziekenhuis terecht kwamen, kwamen er niet meer uit.
Iedereen was gelijk en dit werd ook duidelijk gemaakt in kleding. Iedereen was verplicht zwarte kleding te dragen en de vrouwen moesten hun haar op een bepaalde manier opsteken. Iedereen die dus maar een beetje verzet gaf werd gevangen gezet of ter plekke geexecuteerd. De grootste gevangenis van het land stond in Phnom Pen, de Tuol Sleng ofwel S-21. Her werden de duizenden gevangen op vreselijke wijzen gemarteld met als doel namen te krijgen van verraders. Alleen werden de mensen zo zwaar gemarteld dat iedereen werd opgenoemd die ze maar kenden. Dit betekent dus dat niemand meer veilig was en iedereen leefde in grote angst. Eenmaal in Tuol Sleng betekende na de vreselijke martelingen je dood. In totaal hebben 7 mensen Tuol Sleng overleefd. In vier jaar tijd zijn miljoenen mensen systematisch vermoord, hele generaties zijn verdwenen en tot op de dag van vandaag leven de jongens en meiden van mijn leeftijd zonder broers, zussen of ouders.Nog even kort over Tuol Sleng, voordat het een gevangenis werd was het een schoolgebouw. In de ruimtes waar vroeger geleerd werd werden in 1975-1979 duizenden mensen gemarteld. Op foto's is nog goed te zien dat het een school is geweest. Verder heb ik ook wat teksten gefotografeerd. Zeker interessant om deze te lezen. Ik zal ze even op mijn site zetten.
De mensen van Cambodia zijn dus tientallen jaren onderdrukt geweest. Met deze kennis in mijn broekzak ben ik nog veel meer onder de indruk van de Cambodianen. De Cambodianen zijn het voorbeeld van de veerkracht van de mens. De mensen zijn trots, vrolijk en werken hard aan een nieuw Cambodia. Nog lang is niet alles koek en ei en of het huidige regime de juiste is kan in twijfel worden getrokken. Nog steeds is er geen echte democratie. Volgende week wordt er namelijk gestemd en na mijn vraag aan een Cambodiaan of hij ook ging stemmen, was zijn antwoord dat alleen maar bepaalde mensen mogen stemmen. Fabrieksarbeiders zijn bijvoorbeeld uitgesloten van stemming. Leve de Democratie.
Van Phnom Penh ben ik naar Seam Reap gefietst. De plaats van het grote machtige Angkor. De eerste dag heb ik veel kilometers gemaakt en rond een uur of half vijf in de middag heb ik aangeklopt bij een hotelletje. Nou ik heb al veel smerigheid gezien, maar dit sloeg alles. Na een " wat denk je zelf" ben ik weer op de fietst gestapt. Na nog een uurtje peddelen en toch al zo'n 130km te hebben gefietst was het tijd voor een slaapplek. In het dorp waar ik me op dat moment bevond ben ik maar wat gaan rondvragen of ik ergens kon kamperen. Altijd weer lachen zij geen woord Engels ik geen woord Khmer. Ik werd maar een beetje het dorp ingestuurd en iedereen wist waar ik naartoe moest, maar ik had geen idee waar ik nou naartoe werd gestuurd. Uiteindelijk kwam ik terecht bij een weeshuis. Direct tientallen kindereren om me heen. Ik werd direct uitgenodigd en kon blijven slapen. Helemaal prima en de kinderen vonden het maar wat mooi. Naast de missionaris hadden ze nog nooit een buitenlander van zo dichtbij gezein en dan nog een van 1.97, op een fiets en niet te vergeten, met een camera. De kinderen vonden het maar wat mooi en ik heb dus wat mooie foto's van nieuwschierige aagjes gemaakt.
Na een slechte nachtrust ben ik naar Siem Reap gereden, heb wel even gelift om een beetje op te schieten. Zodat ik in iedergeval de route naar Bangkok helemaal kan fietsen zonder dat ik te laat kom voor mijn afspraak bij de Amerikaanse Ambassade.
In Siem Reap ben ik de volgende dag om 04.00 opgestaan en vertrokken naar het machtige Angkor. Geweldig, geweldig en nog eens geweldig. Mijn reis heeft mij al op mooie plekjes gebracht. Zo heb ik de hoofdstad van het ooit zo machtige Romeinse rijk en het Ottomaanse rijk gezien en de vervallen stad Persepolis ooit het centrum van het Perzische rijk, maar Angkor. Het slaat echt alles gigantische gebouwen midden in de jungle. Angkor was vroeger een stad waar vele mensen woonden. Alleen alle huizen zijn verdwenen omdat deze van hout waren en de tempels hebben de tand des tijds overleefd, de een wat beter dan de ander. Angkor wordt overheerst door het machtige Angkor Wat. Na een hele ochtend rondgefietst te hebben ben ik 's middags toch weer terug gegaan om nog een keer Angkor Wat te zien. Niet alleen de tempels, maar de hele omgeving is zo bijzonder. Ooit zal ik zeker weer hier een keer terugkomen. Na Siep Reap ben ik weer op de fiets gestapt richting Bangkok.
In vier dagen ben ik naar Bangkok gefietst. Het fietsen gaat dus wel goed. Dag na dag fiets ik nu meer dan 100 km. Het is trouwens wel weer lekker om weer in Thailand te zijn. Borden langs een weg die gewoon goed is geasfalteerd. Het avontuur is dus weer even voorbij. In Bangkok ga ik mijn visum voor de VS regelen. Ik wil namelijk vier maanden in de VS blijven en ik heb daarvoor een visum nodig. 24 juli heb ik dus een afspraak op de ambassade. Hopen dat het goed komt en dat ik gewoon 25 aug. naar LA kan gaan en weer ergens rond 23 dec. terug kan vliegen vanuit New York. Na Bangkok ga ik als de donder naar Maleisie om daar veel te fietsen, maar ook veel te snorkelen en lekker kamperen op het strand.
Alles gaat dus goed, ik zie uit naar Maleisie, maar de VS zit ook zeker al in mijn hoofd.
Ik hou jullie op de hoogte.
Groeten uit Bangkok |  | | Er zijn op dit moment 4 reacties geplaatst op dit bericht. | | Toon de reacties op dit bericht | Reageer op dit bericht | |  |
|  | Met Mattijs op reis 25-06-2008 om 21:51 door Marjolijn Vinkesteijn
Hallo allemaal,
Even geen berichtje van Mattijs, maar van ons. Ik heb een aantal foto's van onze reis op de site gezet. En bij sommige is wat korte toelichting wel erg leuk. Dan heb je ook een beeld bij het verhaal van Mattijs.
Zoals Mattijs al omschreef, het was echt een super reis. Peter en ik hebben 10 dagen met z'n tweeen gereisd en daarna nog 10 dagen met Mattijs. Dit was veel langer dan van te voren gepland, maar daardoor nog geweldiger! Het was echt een super land, heel mooi om te ontdekken en geweldig om Mattijs daar te zien. We zaten in de lobby van een hotel te wachten en daar stond hij opeens voor me, flinke baard en 15 kilo afgevallen. Eline, ik heb natuurlijk 'm wel direct aan het scheren gezet!!!
Mattijs is trouwens ondertussen in Laos. Hij had wat problemen met zijn maag, maar dat is nu allemaal weer goed, gelukkig! Hij zit op dit moment in de onbewoonde wereld, maar zal binnenkort wel weer wat schrijven, denk ik!
Nu even de foto's
Foto's 1 en 2: De tocht over de Ganges, 's morgens vroeg om half 6
Foto 3: Mattijs heeft nog geen huis, inboedel, etc., maar wel een zijden dekbedovertrek uit India. Vanalles werd hier uitgestald en we gingen met een flinke lading zijden dekbedovertrekken, placemats en sjaals weg!
Foto 4: Zonsondergang ritueel in Varanassi, vindt iedere avond plaats.
Foto 5: Bijkletsen en gek doen in het zwembad. Voor Tijs helemaal flinke luxe
Foto 6: En daar zit je dan, aan het dessert in het donker, stroomuitval, meerdere keren per dag
Foto 7: Veel van dit soort tentjes in Puri, waar we veel water en mango sap kochten
Foto 8: Eén van onze lunchlocaties, vooral Tijs staat er mooi op!
Foto's 9 en 10: Het strand van Puri
Foto's 11, 12, 13, 14: De tocht naar het Chilika Lake, na een pittig ontbijtje kom je mooie mensen tegen.
Foto 15: De riksja, samen met de tuk tuk, het vervoer in India
Foto 16: Calcutta, 24 miljoen inwoners
Foto 17: Ons laatste diner in een chique chinees restaurant!
En dat was het dan, onze reis naar India, we hebben genoten.
Liefs Peter en Marjolijn
|  | | Er is op dit moment 1 reactie geplaatst op dit bericht. | | Toon de reacties op dit bericht | Reageer op dit bericht | |  |
|  | Op stap met zus en zwager en Thailand 02-06-2008 om 13:08 door Mattijs Vinkesteijn
Sadewi nog wat,
Zo India is achter de rug na zes weken spuug ontwijken, verbazing, maagkrampen, mooiste glimlach van de wereld, met je handen eten en niet te vergeten de verschrikkelijk mooie natuur gaat het avontuur in Thailand beginnen.
In Varanasi had ik afgesproken met Marjolijn en Peter vanaf nu in dit stuk J&J(Jut en Jul voor de niet meest scherpen onder ons). Het weerzien was hartstikke mooi ik had ze toch al zo'n vier weken niet meer gezien. Na een dagje zwembad hangen zijn we Varanasi gaan ontdekken. Varanasi is de heilige stad van India. Dit met name doordat de heilige rivier de Ganges door deze stad loopt. Varanasi is zover ik heb meegemaakt de drukste en gekste stad van India. Riksja's en Tuk-Tuk's toeteren en scheuren door de stad. Daarnaast zijn er natuurlijk de gebruikelijke verkopers van alles wat los en vast zit. Het centrum van Varanasi is de Ganges. 's Ochtends om 05.30 zaten we in een klein roeibootje op de rivier. Drie grote Nederlanders die niks doen en twee kleine Indiers(kinders) van nog geen 50 kg aan de riemen. Die hoogstwaarschijnlijk worden uitgebuit door de boteneigenaar die wij stomme Nederlanders drie keer het normale tarief hebben betaald. Varen over de Ganges is als ware varen door een rariteitenkabinet. Overal aan de oever vinden vreemde taferelen plaats. Een oude man met een soort van theepot die rondjes aan het draaien is, mannen staand in het water die gebaren maken met hun handen, vrouwen die kaarsjes te water laten. Daarnaast wordt er natuurlijk volop gewassen en gezwommen. Een man die je niet meer herkent doordat hij zijn lijf van onder tot boven heeft onder gezopt en mannen die op speciaal aangelegde stenen met was aan het slaan zijn om de vlekken eruit te krijgen.
Na twee dagen Varanasi heb we toch besloten om ons aan het eerder voorgenomen plan vast te houden en af te reizen naar Puri. Puri ligt in de provincie Orissa dit is direct onde provincie West Bengaal. Puri is een klein plaatsje aan zee. Na de 22-urige treinreis zijn we opzoek gegaan naar een hotel. Door het aandringen van Peter zijn we in een zeer luxe hotel terecht gekomen. Dit hotel was van de buitenkant pink-roze en had een zwembad, prima geregeld dus.
In Puri zijn we in totaal een dag of vier geweest. Echt prima een beetje (hard)lopen over het strand(J&J lagen natuurlijk nog te slapen) en natuurlijk lekker eten. Het was echt gezellig zo met zijn drietjes en doordat het buiten het seizoen was en doordat de Orissie's ontzettende vriendelijk en gekke lui zijn was Puri erg leuk. Je zal niet snel zeggen dat Indiers snel of harde werkers zijn, maar goede wil en vrolijkheid zit erbij die lui ingebakken. Vaak genoeg zijn we op een positieve manier verrast:als de cola op is of als ze geen bier verkopen dat wordt er gewoon naar de winkels gerend, kip op geen probleem, er wordt even snel naar de markt gelopen, verlaat je het restaurant, dan wordt je al wild-zwaaiend met twee armen gedag gezegd.
De derde dag zijn we naar het Chilaka Lake gegaan. Dit is een groot meer wat in contact staat met de zee. Het meer is erom bekent dat er veel Dolfijnen zwemmen. We wilde er een mooie dag van maken dus we hadden een bureautje ingeschakeld die ons zou meenemen naar het meer en naar een eiland waar we zouden blijven slapen om ons daarna weer naar Puri zou brengen. 's Ochtend vroeg zijn we met de auto naar het meer gegaan. Aldaar aangekomen zij we naar een groot eiland gevaren vanaf daar zijn via een klein dorpje zonder electriteit of wat dan ook naar de andere kant gelopen. Daar hebben we weer een boot gepakt naar het eiland waar we hebben geslapen. Deze boot werd bestuurd door een plaatselijke visser door gewoon een lange stok in de bodem te duwen en flink afzetten. Op het eiland hebben we eerst gelunched. Alles wat tot in de topjes geregeld; heerlijk eten, goede chai en vriendelijke gidsen. In totaal waren we met zijn zevenen, de gids twee mannen van het nabije dorp die hielpen met koken, vuurtje bouwen en meer en de chauffeur. De rest van de dag hebben we eigenlijk op dat eiland rondgehangen. We hebben nog beetje gezwommen in de zee en zijn aan het eind van de avond op dolfijnenjacht gegaan. Na een half uurtje wachten hebben we een stuk of vijf Dolfijnen gezien. Het is een vrij kleine Dolfijn met een stompe neus. Leuk om die beesten te zien. Daarnaast is de hele setting natuurlijk heel speciaal. Je zit met zijn vieren in een klein houten bootje zonder motor op een meer waar geen hond komt en waar je niks anders hoort dan vissen die wegschieten of wat vogels.
De tocht naar het Chilika meer was dus erg bijzonder en zeker een hoogtepunt.
Daarna zijn we naar Calcutta gegaan. Een leuke stad voor hen om hun vakantie af te sluiten. Een beetje met de taxi rondrijden naar wat mooie plekken en een beetje winkelen. Tien dagen met Marjolijn en Peter was echt geweldig. Het afscheid was lastig, maar heb wel ontzettend veel zin om weer aan een nieuw deel van mijn reis te beginnen.
Momenteel ben ik in Bangkok. Heerlijke stad en niet te vergelijken met India. Overal staan tentjes op de straat met heerlijk eten. Volgens mij eet geen toerist van de straat hier, maar als je India gewend bent dan ziet alles er hygienisch uit. Ik eet me hier dus tonnetje-rond. Morgen komt mijn tante Dory, ik blijf dus nog wel even in Bangkok. De volgende keer zal ik iets uitgebreider schrijven over Bangkok, want ik vind het nu wel weer mooi geweest.
Groeten daar,
Mattijs
|  | | Er is op dit moment 1 reactie geplaatst op dit bericht. | | Toon de reacties op dit bericht | Reageer op dit bericht | |  |
|  | Nieuwe foto's en verslag van Nepal. 18-05-2008 om 13:01 door Mattijs Vinkesteijn
Hee luitjes,
Zo ik heb er even wat foto's opgeknald. Helaas kreeg ik de serie tot Nepal er niet op. De foto's zijn dus hoodzakelijk genomen in Nepal en een kleinbeetje Calcutta.
In Kathmandu ben ik maar een dag gebleven. Als je niet de bergen in gaat en je komt alleen voor de stad is naar mijn mening een dag genoeg. De stad is namelijk enorm hectisch, constant vliegen toeterende motoren links en rechts van je voorbij. Echt nogmaals die Nepali zijn de ergste verkeersidioten die ik tot nu toe op mijn reis heb gezien. Geen enkel respect voor elkaar en wat ze doen is totaal zinloos.
's Ochtends stond ik om 07.00 bij de eerste tempels. Ik had maar een dag dus een beetje haast had ik wel. Durban square is het centrale plein van Kathmandu. Hier barst het van de tempels met name Hindoe. Het is een schitterend plein en van alles te zien. Allerlei mensen van verschillende pluimage verzamelen zich hier. Om spullen te verkopen als suikerspinnen, bloemenkransen, fruit of gewoon om lekker op een tempel te hangen. De mensen zitten, liggen en hangen op de trappen. Een beetje loeren naar de voorbijgangers, een bont gezelschap. Na een paar uurtjes rondgehangen te hebben ben ik naar de Sawayambhu-Wath Tempel gegaan ookwel apentempel genoemd. Hier had ik met Bert afgesproken. Bert is een Belg die goed werk verricht in een Nepalees weeshuis. Communicatie tussen mij en Belgen wil over het algemeen niet echt lukken. Ook deze keer was het weer raak. We hadden afgesproken bij de ingang met drie gouden Boedha's. Dit was natuurlijk vragen om ellende. Wat die Boedhisten kunnen bouwen en met name gouden Boedha's. Bert stond natuurlijk bij de drie gouden Boedha's aan de Noordzijde en ik bij de drie Gouden Boedha's aan de Zuidzijde. Na wat heen-en-weer gebel hebben we elkaar uiteindelijk toch getroffen. Met Bert ben ik de hele middag opgetrokken. Een vriendelijke vent die kosten of moeite bespaarde om mij de stad te laten zien. Erg leuk om is zo met zijn tweeen langs de tempels van Kathmandu te gaan. Eerst dus de apentempel, dit is een Boedhistische tempel. Snel herkenbaar aan de gigantische koepel en de gebedsmolens. Daarna zijn we door gegaan naar een Hindoeistische tempel. De Hindoe tempel is veel anders opgezet. Het bestaat niet echt uit een centrum, maar meerdere torens verspreid over een vlakte en alles komt bij elkaar aan de heilige rivier. Hier is het net als aan de Ganges, mensen wassen zich, bidden, kinderen zwemmen en families verbranden hun dierbaren. Erg mooi om te zien hoe beide geloven zo goed samengaan in een stad.
De volgende dag ben ik op de fiets gesprongen. Ik had een route uitgestippeld over wat kleinere wegen door de bergen richting de Zuidelijk gelegen hoofdweg. Nou ik heb het geweten, vertrouw nooit een kaart van Nepal. Na 80km hield de weg op en ging over in een stenen pad met plassen knie-diep en stenen die mijn wielen flink hebben getest. Dit pad ging eindeloos door, dwars door de bergen. Veel hellingen waren zo steil dat ik mijn fiets omhoog moest duwen om de plassen en keien heen. Na een hele dag sleuren kwam ik in een klein bergdorpje aan. Dit zijn hele kleine dorpjes waar de mensen echt op hunzelf zijn aangewezen. Er is geen stroom en water komt alleen uit de put. Toch heb ik niet het idee dat de mensen in armoede leven al zijn ze wel arm in opzichte van bezittingen en geld, maar er is voldoende eten en het zijn hechte gemeenschappen.
DIt dorp was overigens het einde van de keienweg.
Nu begon het afzien pas echt. Een weg met keien van een halve meter hoog, paadjes langs de berg van een halve meter breed. Geen doen dus voor een fiets met 30kg bagage. Gelukkig kwam een kleine Nepali, Biskot genaamd mij te hulp. Voor 150 Rupee's wilde hij wel mijn tassen over de berg slepen. Ik de fiets hij mijn achtertassen. Ruim twee uur hebben we over de bergpas gelopen. Het was mooi lachen. Hij had al snel een doek gevonden zodat hij mijn tassen ala Nepali-stijl aan zijn hoofd kon hangen. Natuurlijk moest ik dat ook even proberen, ik zal het wel niet helemaal goed hebben gedaan, maar mijn hoofd werd zowat van mijn romp getrokken door het gewicht. Zo klein Sherpa-mannetje ziet er niet sterk uit, maar oh oh vergis je niet.
Na de lange wandeltocht heb ik geslapen in een klein dorp en wat Dahl Bath gegeten in een een van de huisjes. Een woonkamer bestaat uit een vlakte met in de hoek de keuken, twee houtstoven en een paar pannen. In de andere hoek een grote bak met water om je handen te wassen. Geen meubels iedereen zit op de grond. In de ruimte naast de woon/eet-kamer wordt mais gedroogd en ligt graan opgeslagen. Voor mijn vertrek werd mij nog wel even 100 Rupees gevraagd voor de Dahl Bath. Dit is ruim drie keer de normale prijs in een restaurantje in een bergdorp. Heel vaak heb ik dit gelazer, Ik vind het niet altijd erg als ze wat meer vragen, maar op de manier hoe het gaat en hoeveel meer, gaat mij te ver. Uiteraard werd er weer totale onschuld gespeeld en was het Engels opeens helemaal weg. Na even flink kwaad worden en wat preken werd een middenweg gevonden.
De volgende dag ben ik op de snelweg terecht gekomen. Dit is een hoofdweg van Nepal die van West naar Oost loopt. Het was heerlijk rustig want de bussen en trucks waren aan het staken en aangezien de meeste vam de plaatselijke bevolking geen auto heeft, fietste ik dus tussen andere fietsers en ossenwagens richting India.
In India heb ik de trein naar Calcutta gepakt. Marjolijn en Peter zijn eerder in Varanasi en ik moet mijn fiets in Calcutta dumpen dus heb geen tijd om het stuk te fietsen. Jammer want ik was aardig opweg om de 1200 km in tien dagen te halen.
Nu ben ik in Calcutta en heb het weer is voor de verandering aan mijn maag, dus rustig aan. Morgen ga ik naar Varanasi waar ik mijn zus en Peter zie.
Erg veel zin in.
Groeten uit India,
Mattijs |  | | Er zijn op dit moment 3 reacties geplaatst op dit bericht. | | Toon de reacties op dit bericht | Reageer op dit bericht | |  |
|  | Visum China 09-05-2008 om 16:14 door Mattijs Vinkesteijn
Zo ik roep even jullie hulp in. Momenteel ben ik dus in Nepal en ik vlieg 01 juni naar Bangkok, waar ik overigens met mijn tante op stap ga, supermooi.
Het probleem is het volgende. China heeft de grenzen zo goed als dicht gegooid. Een visum krijgen is nu een groot probleem. Ze willen je bankkrediet weten, alle adressen die je langs gaat + hotelreserveringen en een retourvlucht.
Nu heb ik het idee om een retourvlucht Hanoi-Sjanghai te boeken en zodra het visum binnen is het ticket te cancelen. Daarnaast heb ik vrienden in Sjanghai en die zie ik maar even als familie, is eigenlijk ook zo. Het plan lijkt redelijk waterdicht, maar ik weet niet of dit gaat lukken. Als jullie misschien iets weten of iemand kennen die de laatste weken over land China in binnengedrongen, dan hoor ik het graag.
Het zal toch niet zo zijn dat ik door een paar stomme regels de OS niet kan meemaken en daardoor waarschijnlijk mijn reis eerder moet beeindigen.
Ik hoop dat jullie iets weten.
Nogmaals de groeten uit Nepal,
Mattijs |  | | Er zijn op dit moment 4 reacties geplaatst op dit bericht. | | Toon de reacties op dit bericht | Reageer op dit bericht | |  |
|  | Nepal, bergen en nog eens bergen. 09-05-2008 om 06:19 door Mattijs Vinkesteijn
Goedemorgen, momenteel bevind ik mij in Kathmandu, stad van tempels en luchtvervuiling. Voordat ik losbarst over Nepal zal ik eerst maar is bij het begin beginnen.
Na een paar dagen ziek zijn in Delhi ben ik gaan fietsen richting de grens van Nepal. Dit wilde ik eigenlijk via Agra(Taj Mahal) en Varanassi doen. Helaas waren de afstanden iets te groot en ik keek echt uit naar mooie vergezichten, dus ik ben direct richting Nepal gefietst. Fietsen in India is een ervaring opzich. De wegen liggen er over het algemeen aardig bij, maar die lui die zich op de weg begeven, maken het toch een heel avontuur. Ossen die gigantische platte wagens trekken (het mannetje op de wagen vond dat zijn os niet hard genoeg liep, een klap met de stok op zijn rug bleek niet meer te helpen, dus maar een flinke por tegen zijn ballen, de os maakte een klein sprongetje en versnelde zijn pas, riksja's, fietsers met grote stapels riet, gasflessen, hout of melkbussen en natuurlijk trekkers en vrachtwagens. Wel leuk is om te zien dat de trekkers hier niet graan of beesten vervoeren, maar mensen. Een platte kar vol met Indiers levert waarschijnlijk meer op dan een kar vol met graan. Het is dus meer om je heen kijken vol met verbazing, dan echt blik op uiteindig en knallen. Dit maakt het allemaal schitterend en als je gewoon goed oplet dan hoef je volgens mij niet echt bang te zijn voor een ongeluk.
De eerste twee dagen na Delhi heb ik dus best aardig wat gefietst, maar door de temperatuur en de drukte op de weg was het erg vermoeiend. Daarnaast functioneerde mijn maag nog steeds niet en na 50km fieten lag ik er echt af. Op de derde dag in de middag heb ik maar besloten om een trein te pakken. 50km met een boemel, dit duurde meer dan drie uur. Je moet je voorstellen, een trein met allemaal houten bankjes met daarboven grote bagagerekken. De bankjes zitten helemaal vol met mensen, maar ook de bagagerekken. Overal in het gangpad staan of zitten mensen. Allerlei verkopers balanceren met grote manden met nootjes, melkbussen met ijs, bakken met allerlei prutjes door de menigte. Bij elk gehucht wordt gestopt. Nieuwe verkopers springen in de trein en het zooitje gaat weer verder. Het is ontzettend grappig, normaliter reizen toeristen niet met een boemeltrein en al helemaal niet in general class. De mensen vinden het dus uitermate interessant, daarnaast heb ik natuurlijk mijn fiets bij me. Die ergens tussen de mensen geparkeerd staat. De reis bevalt me prima een beetje grappen maken en gekke bekken trekken met de kinderen in de trein en genieten van het uitzicht.
Aangekomen in een iets grotere stad heb ik met veel moeite een kaartje kunnen bemachtigen voor een nachttrein (voor de mensen die denken dat ik mijn fiets in de wilgen heb gehangen en dat ik alleen aan het treinen ben, ik heb dus alleen een middag en nacht getreind). Rond een uur of tien 's avonds is de trein vertrokken naar Gorakhpur. Ik heb een goede nacht geslapen en om 09.00 stond ik in Gorakhpur. Direct op de fiets gestapt richting Nepal. De weg was een stuk kleiner, dus ook rustiger. Het was een mooie route. Al zijn er in india overal mensen en elk stukje land wordt bewerkt. Echt niemandsland en dus echt doodse stilte heb ik dus nog niet ontdekt. De omgeving is groen en af en toe rij je door stukken bos, vaak lopen er dan apen op de weg. Altijd weer bijzonder.In de middag ga ik altijd opzoek naar eten. Het is niet zo dat je in de supermarkt wat broodjes koopt en een pot Nutella en ergens je bammetjes gaat smeren. Je eet dus altijd in een soort (weg)restaurant. Je loopt naar zo'n tentje toe, groet de mensen vriendelijk en je kijkt wat er onder de deksels te vinden is. Vaak is het rijst en wat aardappelen in een groen sausje. Over het algemeen is het erg smaakvol en voedzaam.
Na twee dagen vanaf Gorakhpur ben ik in Nepal aangekomen. De grensovergang stelt helemaal niks voor. Aan de kant van India zitten drie ingeslapen kerels aan een lange tafel. Formuliertje invullen en stempel in je paspoort. In Nepal is het precies hetzelfde verhaal, alleen moet je nog even een foto en 30 dollar inleveren voor je visum.
Nepal is een stuk rustiger. De eerste 25 km is nog vlak en daarna doemen gigantische bergen op. Vlak voor de bergen heb ik een slaaplek gevonden. Het is hier vaak een hotelletje voor ongeveer 2 euro. Om 18.00 viel voor twee uur de stroom uit. Alles is direct donker. Heel apart om te zien, maar hier in Nepal de gewoonste zaak van de wereld. Elke dag valt hier voor een paar uur de stroom uit. De volgende dag ben ik vroeg vertrokken richting Pokhara. De natuur is ongelooflijk. Het is een kleine rustige weg die door de bergen slingert. Naast je zie schitterende vergezichten en gigantische bossen die tegen de bergen groeien. 's Ochtends is het vaak mistig en dit geeft het allemaal een schilderachtig geheel. Wel is het net als in India, overal zijn mensen. Overal langs de kant van de weg zijn kleine dorpjes met winkeltjes die wat standaard-dingetjes verkopen. Verder zie je dat alles hier met de hand wordt gedaan. Je ziet dus mannen met messen en handploegen lopen, vrouwen met gigantische manden waarin zij hout, zand, stenen of takken vervoeren. De mand hangt met een band aan hun hoofd. Op deze manier vervoeren ze gigantisch veel gewicht. Jong en oud zie je met deze manden door de bergen sjokken.
Na drie dagen flink klimmen door de bergen ben ik in Pokhara aangekomen. Pokhara is een zeer toeristisch stadje,schitterend gelegen aan een meer. Hier in Pokhara heb ik twee dagen rondgehangen. De tweede dag heb ik een bootje gehuurd en ben ik het meer opgegaan. Weg van de herrie en de toeristen. Midden op het meer, alleen water en gigantische bergen om me heen. De hele middag een beetje boekje gelezen en rondgedobberd. Totdat de lucht opeens snel donker werd. Als de bliksem ben ik naar de kant gaan roeien. Alleen door de opkomende wind, was het redelijk zinloos. De boot bleef maar van de wind afsturen. Als laatste poging ben ik maar helemaal voor op de punt gaan zitten. Met de benen in het water en de achterkant van de boot in de lucht ben ik richting kant gegaan. Helaas werkte dit ook niet echt. Een paar jongens vande verhuur kwamen mij te hulp en met zijn drieen zijn we naar de kant geroeid. Het weer was ondertussen flink omgeslagen en het regende snoeihard. De eigenaar van de verhuur begon zijn excuses aan mij te maken voor het slechte weer. Het heeft mijn tien minuten gekost om hem uit te leggen dat ik dit nou juist mooi vindt.
'sAvond ben ik wat gaan drinken met drie gestoorde Amerikanen. Zij zijn vanuit Peking op echt verschrikkelijke rotfietsen vertrokken om ergens in oktober in Parijs aan te komen. Een paar vreemde vogels, maar gezellig om een avondje wat mee te drinken en wat info mee uit te wisselen. De volgende dag ben ik om 08.00 vertrokken naar Kathmandu. 210 km door de bergen. De route is lang niet zo mooi als die naar Pokhara en het barst van het verkeer. Ik heb dus besloten om flink gas te geven zodat ik maar twee dagen op deze weg fiets. De eerste dag ging goed, direct 130km gefietst. Zo door de bergen is het erg ver, 's avonds was ik er dus ook echt klaar mee. Gelukkig vond ik een mooie plek om te slapen. Vlak aan een rivier bij een rafting kamp. Erg aardige mensen en er was ook en Engelsman die daar les gaf aan de kinderen. Lekker dus even goed Engels kletsen en goed eten. De volgende dag tent ingepakt en gestart voor de 80 km naar Kathmandu. Het verkeer is een ramp hier. Honderden bussen en vrachtwagens die als ware idioten hier over de weg knallen. Ik denk dat ik nog nooit zoveel gescholden heb. Ontzettende onverantwoorde idioten. Vaak zie je langs de kant van de weg vrachtwagens of bussen op hun kant liggen en ik kan het me niet voorstellen dat hier geen doden bij zijn gevallen. Het lijkt ze allemaal niet veel te doen ze blijven gewoon toeteren en racen.
Deze tweede dag was erg zwaar. De weg ging voor 90% omhoog en met name de laatste 30km was alleen maar klimmen. Verder zijn het vooral de uitlaatgassen die het erg zwaar maken. Vaak trek ik snel mijn pet van mijn kop om neus en mond te bedekken als er weer zo'n zwarte walm voorbij komt.
Eind van de dag ben ik in Kathmandu aangekomen. Hier blijf ik nu voor twee dagen om daarna de lange ruk naar Calcutta te maken. 20 mei moet ik in Calcutta zijn om vanuit daar naar Marjolijn en Peter te gaan. Het is ongeveer 1200 km en ik heb tien dagen. Tien dagen dus knallen.
Mijn maag is nog steeds niet optimaal, maar ik heb er niet echt last meer van. Mijn lichaam wordt nog steeds met de dag sterker. Het fietsen gaat echt makkelijk en ik kan acht uur achter elkaar fietsen met maar af en toe een klein beetje rust. Over ongeveer tien dagen zie ik dus Marjolijn en Peter ik zie er erg naar uit. Met hen ga ik zo'n acht dagen een beetje rond trekken.
Alles gaat dus goed, in India zal ik wat foto's erop zetten. Hier is het door het langzame internet niet mogelijk.
Groeten uit Nepal,
Mattijs
|  | | Er zijn op dit moment 0 reacties geplaatst op dit bericht. | | Toon de reacties op dit bericht | Reageer op dit bericht | |  |
|
Terug naar boven
|
 |